Vitamine K

Reeds bij de geboorte en tijdens de eerste levensweken lopen pasgeborenen een bijzonder risico op vitamine K tekort omdat vitamine K slechts in beperkte mate doorheen de placentale barrière gaat, de aanvoer via de moedermelk gering is en er nog quasi geen synthese in de darmflora plaatsvindt (Van Winckel et al., 2009).

Bij een tekort kan een vitamine K afhankelijk hemorragisch syndroom ontstaan in de vorm van bloedingen ter hoogte van de maag, darm, huid, navel en zelfs ter hoogte van de hersenen. Deze ziekte komt slechts bij 6/10.000 pasgeborenen voor. Ze ligt hoger bij kinderen met een risicofactor, zoals bij prematuriteit, inname van vitamine K inhibitoren tijdens de zwangerschap (bv. anti-epileptica), moeilijkheden bij orale voeding of cholestase (van Hasselt et al., 2008).
Preventie van bloedingen gebeurt systematisch met een toediening van vitamine K bij de geboorte.

Uit recente onderzoeken blijkt dat het toedienen van 1 tot 2 mg toelaat de zowel vroeg- als laattijdige hemorragische ziekte van de pasgeborene te voorkomen. 1-2 mg orale vitamine K bij de geboorte maakt het mogelijk de vroegtijdige hemorragische ziekte van de pasgeborene te voorkomen maar het is nodig verder 1 mg vitamine K per week aan borstgevoede kinderen toe te dienen om de laattijdige vorm van de ziekte te voorkomen (Van Winckel et al., 2009).

Bij zuigelingen die kunstvoeding krijgen is enkel de toediening bij de geboorte nodig omdat aan de kunstvoeding reeds extra vitamine K wordt toegevoegd.

(Bron: Hoge gezondheidsraad: Aanbevelingen voor vitaminen)